Verzamelingen •  AziŽ  


Aziatische maskers zijn gekenmerkt door hun verrassend nuchtere vormen en door hun grote diversiteit. Ze worden hoofdzakelijk gebruikt in het toneel en bij dansen. In het begin waren ze echter zoals overal heilige en rituele voorwerpen die het onzichtbare zouden moeten tonen: demonen, geesten, godheden enzovoort. Als bewaarders van de kracht van de geesten van dit verleden hebben de maskers een deel van deze macht behouden en daardoor zijn ze gevreesde en vereerde voorwerpen, ook in het toneel waar ze worden gebruikt in opvoeringen die doordrenkt zijn van heiligheid.
Het toneelmasker, het dansmasker of het processiemasker is ook een talisman dat door zijn exorciserende kracht het kwaad, demonen of ziekten afschrikt en ze op die manier verwijdert of aantrekt en ervoor zorgt dat hun acties mislukken. Het masker is soms een gelukbrenger. Het verdrijft niet alleen het kwaad maar heeft ook een weldadige invloed (rijke oogst, regen enzovoort).
Ook in het boeddhisme wordt gebruik gemaakt van het masker. Het wordt als heel kostbaar beschouwd, wordt binnen de muren van de tempels bewaard en wordt gedragen door de priesters. Voor hen belichaamt het masker de bovennatuurlijke krachten en de onbereikbare godheden. Het slaat een brug tussen de onbekende wereld en de aarde. Zoals een spiegel maakt het masker het onzichtbare zichtbaar.
 

Behalve houten maskers worden soms andere – kortstondige - maskers gecreëerd met behulp van grime. Met grime kunnen alle menselijke karakters uitgebeeld worden en kan de acteur zijn personage beter tot uitdrukking doen komen. De opera, een toneel dat zijn oorspronkelijk heilig karakter verloren heeft, maakt er ruim gebruik van.